OFF PLAY-partner Anthony Swolfs maakte als jonge keeper carrière in het profvoetbal. “Ik wil dingen doen op Champions League-niveau”, vertelt hij. “Keepen, maar ook beleggen én het voeren van een bedrijf.” Op zijn 23e hing hij zijn keepershandschoenen aan de haak om zich volledig op deze laatste twee passies te richten. Hoe kijkt hij terug op zijn sportloopbaan? Wat drijft hem nu? En welke lessen geeft hij mee aan andere sporters? We gingen in gesprek met de mens achter de sporter.
Anthony begon op zijn zestiende als profdoelman bij KV Mechelen. Na drie jaar maakte hij de overstap naar AA Gent en werd uitgeleend aan Waasland-Beveren. Daarna voetbalde hij in Nederland bij Telstar en FC Dordrecht.
In de tijd dat je leeftijdsgenoten op school zaten, was jij al profvoetballer. Hoe was dat?
“Het combineren van profvoetbal en school is pittig. Ik heb uiteindelijk mijn middelbare schooldiploma gehaald via de centraal examencommissie. Dat betekent: niet naar school, maar wel examens doen. Je doet bovendien twee jaar stof in één keer. Heel zwaar, maar het was de enige manier om school en voetbal te combineren. En: ik heb het gehaald.
Een fulltime opleiding volgen lukt niet als je profvoetballer bent. Maar je hebt wel ruimte om dingen naast het voetbal te doen. Toen ik klaar was met mijn diploma, was voetbal mijn passie én mijn hoofdactiviteit. Toch wilde ik mezelf blijven ontwikkelen. Ik heb een jaar Frans gevolgd, een jaar Spaans en via afstandsonderwijs mijn bachelor Bedrijfseconomie gehaald. Ook begon ik met beleggen. Dat laatste is blijven hangen.”
Waarom vond je het belangrijk om naast voetbal iets anders te doen?
“Het leven als profvoetballer kan best eentonig zijn. Veel spelers houden zich twintig jaar lang alleen maar bezig met voetbal. Ik vind het belangrijk om jezelf, zeker als jong persoon, ook op andere vlakken te ontwikkelen. Stel dat je geblesseerd raakt of je carrière loopt anders dan gepland… Ik heb genoeg voetballers zien vastlopen omdat ze zich verveelden. Natuurlijk maakt iedereen zijn eigen keuze, maar ik zag het als plicht om ook naast het veld iets op te bouwen.”
Op je 23e besloot je te stoppen als keeper. Waarom?
“Mijn bedrijf Archer Academy groeide zo hard dat ik een keuze moest maken: voetbal of ondernemen en beleggen. Ik streef altijd naar het hoogste niveau — Champions League-niveau. Je kunt best twee dingen op dat niveau doen, maar geen drie.
Het was een lastige keuze. Mijn ouders waren niet blij, ik stond net in de basis en mijn voetbalcarrière lag nog helemaal open. Maar ik was er klaar mee. Ik had het geluk dat ik twee passies had, en ondernemen trok me op dat moment meer.
Wat me vooral aantrok in beleggen en ondernemen: je bent 100% zelf verantwoordelijk. Als voetballer word je goed betaald, maar je volgt wel het ritme van anderen. Je hebt een nummer, je moet op vaste tijden trainen. Dat past minder bij mij. Als ondernemer bepaal ik mijn eigen agenda.”
“Als prof ben je inderdaad voor veel mensen die voetballer. Als ik iemand op straat tegenkwam, vroegen ze altijd hoe het met het voetbal ging. Niemand vroeg hoe het met mij zelf was.”
Hoe was het om te stoppen met voetbal, waar je identiteit als ‘de voetballer’ zo sterk aan hing?
“Als prof ben je inderdaad voor veel mensen die voetballer. Als ik iemand op straat tegenkwam, vroegen ze altijd hoe het met het voetbal ging. Niemand vroeg hoe het met mij zelf was.
Als je stopt, valt die identiteit weg. Voor mij voelde dat gelukkig niet als een zwart gat. Maar pas de laatste jaren realiseer ik me hoe bijzonder die tijd eigenlijk was. De adrenaline van wedstrijddagen, het toewerken naar een doel… dat gevoel vind je nergens anders terug. Geen mooie deal of groot succes in het bedrijfsleven komt daar bij in de buurt.”
Welke lessen uit jouw topsportcarrière gebruik je nu in het ondernemerschap?
“Vooral doorzettingsvermogen. In de sport leer je om te knokken en te blijven gaan, ook als het tegenzit. Die mentaliteit neem ik mee in ons bedrijf. We zijn inmiddels gegroeid naar een team van twintig mensen en we blijven hard gaan.
In topsport werk je soms jarenlang aan een doel zonder directe beloning. Die mindset helpt me enorm, ook in het beleggen. Veel jonge mensen verwachten snel resultaat. Maar succes vraagt tijd en geduld. Dat leer je in de sport en dat past ook perfect bij beleggen.”
Wat doen jullie precies met Archer Academy? En hoe sluit dit aan bij OFF PLAY?
“Met Archer Academy doen we verschillende dingen. We zijn een opleidingscentrum voor mensen die willen leren beleggen. Van intensieve trainingen tot meer passieve vormen. Daarnaast beheren we een beleggingsfonds waarmee we geld voor klanten investeren.
Via OFF PLAY bieden we onze opleidingen ook aan sporters aan. Het is mooi om sporters tijdens of na hun carrière te helpen met financiële kennis. Bij ons in het bedrijf werken ook ex-profvoetballers. Zo is de cirkel rond.
Ik had destijds zelf behoefte aan eerlijke, transparante educatie. In het begin moest ik alles zelf uitzoeken. Er waren toen weinig goede platforms. Ik steun OFF PLAY daarom van harte. Sporters die net de top niet halen, of die een andere weg willen inslaan, kunnen hier veel aan hebben.”
“Ik steun OFF PLAY van harte. Sporters die net de top niet halen, of die een andere weg willen inslaan, kunnen hier veel aan hebben.”
Waarom ben je partner geworden van OFF PLAY?
“Acher Academy en OFF PLAY delen dezelfde missie: mensen helpen. Bij Archer doen we dat binnen onze niche. OFF PLAY heeft een bredere insteek. Samen kunnen we echt impact maken. Het geeft veel voldoening om mensen te begeleiden die het beste uit hun leven willen halen.”
Tot slot: welke tip heb je voor andere sporters?
“Geniet van de reis. Ik was zelf altijd met het volgende bezig en heb te weinig stilgestaan bij het moment zelf. En: begin op tijd met plannen voor later. Niet pas aan het einde van je carrière.
Neem ook de mentaliteit uit de sportwereld mee in je volgende stappen. Flexibiliteit, doorzettingsvermogen en het vermogen om je aan te passen zijn enorme krachten. Daarmee kun je ook buiten het veld succesvol worden.”
Anthony’s verhaal laat zien hoe waardevol het is om ook buiten de sport te blijven groeien. Zijn boodschap is helder: blijf leren, wees flexibel en bereid je goed voor op het leven na de sport. Met die mentaliteit kun je overal het verschil maken.


